Atje Keulen-Deelstra (1938–2013) groeide op in Britsum, Friesland, in een boerengezin waar hard werken vanzelfsprekend was. Als jong meisje bleek ze al bijzonder sportief. Ze schaatste, korfbalde en deed aan atletiek, maar schaatsen bleef haar grootste passie. Toch stond topsport niet centraal in haar jonge volwassen leven: op haar achttiende trouwde ze met Jelle Keulen, verhuisde naar een boerderij in Jirnsum en richtte zich vooral op haar gezin en het bedrijf. Ze kreeg drie kinderen en sport raakte meer naar de achtergrond.
Pas eind jaren zestig, rond haar dertigste, hervond ze haar sportambitie. Terwijl anderen op die leeftijd stopten, begon Atje juist opnieuw. Ze trainde ’s ochtends vroeg, tussen de werkzaamheden op de boerderij door, en maakte in 1970 een spectaculaire intrede in de nationale schaatstop. Ze werd direct Nederlands kampioen allround. Het was het begin van een unieke carrière waarin ze, ondanks haar leeftijd, jarenlang de internationale competitie domineerde.
Tussen 1970 en 1974 groeide Keulen-Deelstra uit tot een van de beste schaatssters ter wereld. Ze werd drie keer wereldkampioen allround (1970, 1971, 1972) en vier keer Europees kampioen. Haar kracht lag niet alleen in haar fysieke vermogen, maar ook in haar ongekende wilskracht en trainingsdiscipline. Ze werd geroemd om haar doorzettingsvermogen, nuchterheid en mentale hardheid. Tijdens de Olympische Winterspelen van Sapporo in 1972 won ze drie medailles: zilver op de 1500 meter en brons op zowel de 1000 als de 3000 meter. Hiermee werd ze een icoon van het Nederlandse schaatsen.
Na haar schaatsperiode stapte ze over naar het wielrennen, waar ze opnieuw op nationaal niveau indruk maakte. Ze werd meervoudig Nederlands kampioen op de baan en in 1973 wereldkampioen puntenkoers. Opnieuw bewees ze dat leeftijd voor haar geen beperking vormde: ook deze successen behaalde ze toen ze ver voorbij de gebruikelijke topjaren van vrouwelijke sporters was.
Na haar topsportcarrière bleef Atje nauw verbonden met de sport. Ze trainde jeugd, gaf clinics en trad op als inspirator voor nieuwe generaties schaatsers. Haar levensverhaal – van boerin en moeder tot wereldkampioen – maakte haar tot een geliefde, bijna mythische figuur in Friesland en daarbuiten.
Atje Keulen-Deelstra overleed in 2013. Haar nalatenschap leeft voort als symbool van kracht, doorzettingsvermogen en de overtuiging dat grote prestaties altijd mogelijk blijven, ongeacht leeftijd of achtergrond.

